Croissantjes

20-2024
Croissantje 4 van precies 99 woorden.
Boven de lakens in het bed naast me verrijst een hoofd met donkere haren. Een hoofd met een kroontje. Als het zich omdraait herken ik haar: Kate Middleton. Ze is bleek.
‘Zullen we een croissantje delen?’
‘That’s impossible.’ Ze vertelt over haar maagoperatie. ‘And you?’
‘I have a new knee’.
‘Oh, my dear, courage! Charles ligt in de kamer hiernaast.’
‘Nooo!’ Dit is niet te geloven!’
Een paar uur later ontwaak ik uit mijn narcose. Natuurlijk ligt er niemand naast me.
Tijdens een eerste bezoek verneem ik dat een deel van de Engelse koninklijke familie in het ziekenhuis ligt.

1-1-2024
Een croissantje van precies 99 woorden.
Vannacht zat ik met Poetin in zijn datsja een croissantje te eten. Ik had er een druppeltje arsenicum in gedaan. Eentje maar. Driftig schrokte hij het brood naar binnen. Met nog een laatste kruimel op zijn lippen sprak hij over zijn imperium, over de Noordpool, de maan en de vele planeten. Steeds herhaalde hij dezelfde woorden. Ineens verbleekte hij, zijn mond viel open, zijn varkensoogjes werden kleiner en kleiner.
Nog half slaperig greep ik vol hoop mijn mobiel: 2024, half 6, de eerste dag van een nieuw jaar.
Wat ik hoopte op het nieuws te lezen vond ik niet.

20-12-2023
Een croissantje van precies 99 woorden.Vannacht zat ik met Wilders onder de tafel een croissantje te eten. Zijn hoofd was flink verward. Het was duidelijk dat hij een onrustige nacht achter de rug had. Hij reikte mij een pot honing aan. ‘Kan jij mijn haar fatsoeneren?’
Al borstelend vroeg ik wat nu zijn plannen waren. Mijmerend keek hij naar een stoelpoot, toen naar een andere en zweeg een lange tijd. Hij glunderde. ‘Ik wil gewoon Nederlanders terstond forceren al de immigranten te weren en daarna de totale politiek corrigeren. Een stuk brood vloog me in het verkeerde keelgat.Hoestend en proestend werd ik wakker.

20-12-2023
Een croissantje van precies 99 woorden.
Vannacht zat ik tegenover Mitterrand met een croissantje. Even ging door mijn hoofd dat het niet kon, hij lag al lang onder de zoden. Even, want hij zat daar. Ik was nog niet aangekleed. Niet dat ik de nacht met hem had doorgebracht, ik deel niet zijn politieke opvattingen en hij is echt niet mijn type, totaal niet. Toch speet het me dat ik geen foto had gemaakt. Later vond ik hem weer, nu uitgezakt op de bank. Toch een selfie? In die slappe kussens tegen hem aangeleund. Nee. Daarom kan ik vanmorgen niet bewijzen wat ik heb meegemaakt.



Dit bericht werd geplaatst in Non classé. Bookmark de permalink .

Plaats een reactie